Op 16 oktober 2025 heeft het Hof van Justitie van de Europese Unie (zaak C‑282/24) een belangrijke uitspraak gedaan over de grenzen van wijzigingen in lopende opdrachten. De vraag die in deze zaak centraal staat luidt: Kan een wijziging van het vergoedingsmodel in een raamovereenkomst, waarbij de totale waarde van de opdracht niet meer dan marginaal verandert, leiden tot een ‘verandering van de algemene aard’? In principe niet, zo luidt het oordeel van het Hof. In dit artikel leg ik de uitspraak uit en ga ik in op het juridisch kader.
Juridisch kader artikel 72 van de aanbestedingsrichtlijn
Artikel 72 Richtlijn (2014/24), de aanbestedingsrichtlijn (hierna: Richtlijn), bepaalt wanneer een opdracht gewijzigd mag worden, zonder nieuwe aanbestedingsprocedure. De genoemde situaties zijn:
- Herzieningsclausules: in de aanbestedingsstukken, mits de algemene aard van de opdracht niet wordt gewijzigd.
- Onvoorziene omstandigheden: toegestaan, mits de algemene aard van de opdracht niet verandert en de prijsverhoging niet meer dan 50% bedraagt.
- Kleine wijzigingen:
- Het bedrag is lager dan de Europese drempelwaarde;
- Minder dan 10% (leveringen) of 15% (werken) van de oorspronkelijke opdrachtwaarde;
- De algemene aard van de opdracht of raamovereenkomst mag niet veranderen.
- Niet-wezenlijke wijzigingen: wijzigingen die niet leiden tot:
- Toelating van andere inschrijvers of een andere uitkomst.
- Verschuiving van het economische evenwicht in het voordeel van de opdrachtnemer.
- Een aanzienlijke verruiming van het toepassingsgebied
- Een nieuwe opdrachtnemer in plaats van de aanvankelijk gegunde opdrachtnemer.
- Wijzigingen die niet onder de bovengenoemde situaties vallen
Achtergrond van de zaak
De Zweedse politie heeft raamovereenkomsten gesloten voor het afslepen van voertuigen, gegund op basis van de laagste prijs. Later in het jaar wijzigde de politie het vergoedingsmodel:
- De straal voor vaste prijzen werd vergroot van 10 km naar 50 km.
- De vaste prijs per dienst steeg aanzienlijk, terwijl de kilometerprijzen fors daalden.
Hoewel de totale waarde van de overeenkomst nauwelijks veranderde, oordeelden nationale rechters dat deze wijziging wezenlijk was en een nieuwe aanbesteding vereiste. De hoogste Zweedse bestuursrechter heeft vervolgens de vraag voorgelegd aan het Hof van Justitie.
Kern van de uitspraak
Het Hof van Justitie verduidelijkt dat artikel 72 van de Richtlijn ruimte biedt voor wijzigingen zonder nieuwe aanbestedingsprocedure, mits aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan. Daarbij heeft het Hof het begrip ‘verandering van algemene aard’ toegelicht. Een ‘verandering van algemene aard’ betreft volgens het Hof enkel “de grootste wezenlijke wijzigingen, die een fundamentele verandering van het voorwerp van de raamovereenkomst of van het betrokken type raamovereenkomst of zelfs een fundamentele aantasting van het evenwicht van die raamovereenkomst tot gevolg hebben, zodat zij geacht worden zodanig ingrijpend te zijn dat zij de raamovereenkomst in haar geheel transformeren”. Het is dus een zwaardere vorm van een ‘wezenlijke wijziging’.
Het Hof van Justitie oordeelt in deze zaak dat een beperkte wijziging van het vergoedingsmodel, waarbij de totale waarde marginaal verandert, in principe is toegestaan. Alleen wanneer de wijziging leidt tot een fundamentele aantasting van het evenwicht of een volledige herstructurering van de raamovereenkomst, is sprake van een verandering van de algemene aard.
Belangrijkste overwegingen
- Het Hof benadrukt dat flexibiliteit nodig is om onvoorziene omstandigheden op te vangen, maar dat transparantie en gelijke behandeling leidend blijven.
- De Uniewetgever heeft bewust ruimte gecreëerd voor kleine wijzigingen zonder nieuwe aanbesteding, zelfs als deze niet uit de eerdere rechtspraak voortvloeien.
- Voorbeelden van verboden wijzigingen: vervanging van het type werken, leveringen of diensten, of een wijziging die de overeenkomst volledig herstructureert.
Belang voor de praktijk
Niet iedere wijziging in een aanbesteding of raamovereenkomst vereist een nieuwe aanbesteding. Per geval moet worden beoordeeld of sprake is van een ‘wezenlijke wijziging’. Een ‘verandering van algemene aard’ betreft de grootste wezenlijk wijzigingen, die een fundamentele verandering veroorzaken. Het is dus een zwaardere categorie van een ‘wezenlijke wijziging’. Bij twijfel is een juridische toets essentieel.






